Fiscaal nieuws

Voorkom verliesverdamping!

3-02-2018

De termijn voor voorwaartse verliesverrekening is 9 jaar. Dit geldt in 2018 nog voor zowel de inkomstenbelasting (art. 3.150 IB) als de vennootschapsbelasting (art. 20 lid 2 Vpb). Heeft uw cliënt nog een te verrekenen verlies openstaan uit 2009? Zo ja, dan dreigt dit verlies te verdampen voor zover dit jaar (2018) geen positief inkomen in box I dan wel geen positieve belastbare winst (voor de vpb) te verwachten is.      

              

Wat kunt u aan deze dreigende verliesverdamping doen? Soms niets, omdat er geen enkele mogelijkheid is om fiscale winst te creëren in 2018 of om die verder op te hogen. Maar vaak ook wel, bijvoorbeeld als er een bedrijfspand op de balans staat met een boekwaarde die een stuk lager ligt dan de waarde in het economisch verkeer daarvan.

Een ‘eenvoudige’ herwaardering van het bedrijfspand zou dan verliesverdamping kunnen voorkomen. Echter, de heersende mening is dat dit fiscaal niet is toegestaan, omdat daarmee in strijd met goedkoopmansgebruik wordt gehandeld. Dit standpunt neemt de Staatssecretaris van Financiën expliciet in bij Besluit van 16 februari 2012 (nr. BLKB 2012/8M). Verschillende auteurs zijn overigens van mening dat een strijdigheid met goedkoopmansgebruik niet vaststaat (zie o.a. arresten HR 14 juni 1978, BNB 1979/181 en HR 10 aug. 2007, BNB 2007/300).

Beter is om een methode te kiezen die wel wordt toegestaan om fiscaal winst te kunnen nemen om verliesverdamping tegen te gaan. Ik noem twee methodes, één die vooral geschikt is voor IB-situaties en één die in Vpb-situaties in de praktijk succesvol wordt toegepast:
Voor de IB: Inbreng van de onderneming, incl. pand, in een samenwerkingsverband (VOF, maatschap of CV); voor een deel zal t.a.v. het pand sprake zijn van stakingswinst en voor het andere deel  van herwaarderingswinst (als betaling niet buiten de firmaboeken om plaatsvindt);
Voor de Vpb: Inbreng of afsplitsing van het pand in een aparte vennootschap (BV).
Het voordeel van beide methodes is dat onder bepaalde voorwaarden een beroep kan worden gedaan op een vrijstelling voor de overdrachtsbelasting (art. 15 lid 1e ten 1e dan wel art. 15 lid 1h WBR).

Mocht u cliënten hebben voor wie een verliesverdamping dreigt, dan kunt u desgewenst altijd contact met mij opnemen om te sparren over mogelijke oplossingen. 

Terug naar overzicht
Terug naar home