Fiscaal nieuws

3-02-2018

De termijn voor voorwaartse verliesverrekening is 9 jaar. Dit geldt zowel voor de inkomstenbelasting (art. 3.150 IB) als de vennootschapsbelasting (art. 20 lid 2 Vpb). Heeft uw cliënt nog een te verrekenen verlies openstaan uit 2009? Zo ja, dan dreigt dit verlies te verdampen voor zover dit jaar (2018) geen positief inkomen in box I dan wel geen positieve belastbare winst (voor de vpb) te verwachten is.                     


2-02-2018

Heeft u cliënten die nog dit jaar hun onderneming willen omzetten in BV-vorm? Stuur dan voor 1 april a.s. een intentieverklaring hiervoor naar de Belastingdienst, aangetekend met voorgeschreven geleideformulier! Mail mij voor een gratis model-intentieverklaring!


13-09-2017

De oprichting van een open fonds voor gemene rekening (OFGR) kan ervoor zorgen dat u per 1 januari 2018 uw privévermogen uit box 3 kunt houden, wat een aanzienlijke besparing van vermogensrendementsheffing kan opleveren.  U bespaart bij een vermogen boven de circa € 1 miljoen, daarmee 1,61% aan ‘vermogensbelasting’. Voor 2016 lag dat percentage nog op 1,2%. Hetzelfde kunt u middels een BV bereiken, alleen geeft een BV minder flexibiliteit en is de privacy minder goed beschermd. Bovendien blijft een BV altijd vennootschapsbelastingplichtig, terwijl een OFGR meestal eenvoudig kan worden omgezet in een vrijgestelde beleggingsinstelling die niet vennootschapsbelastingplichtig is. Overweeg daarom om box 3-heffing te vermijden middels een OFGR in plaats van een BV!


19-01-2017

Als vastgoedexploitant kunt u te maken krijgen met een progressieve belastingheffing in box I over het exploitatieresultaat èn de gerealiseerde boekwinsten op uw panden. Dit hangt ervan af hoe de exploitatie fiscaal gezien moet worden gekwalificeerd. Er kan sprake zijn van een onderneming als de werkzaamheden voldoende kwantitatief en kwalitatief van aard zijn. Is geen sprake van een onderneming, dan dient te worden beoordeeld of de exploitatie kan worden aangemerkt als een resultaat uit een werkzaamheid (ROW). Dat is het geval als bijvoorbeeld zelf in belangrijke mate groot onderhoud wordt verricht of wanneer een pand is aangekocht met een voorzienbaar voordeel. Zowel bij een onderneming als in een ROW-situatie zijn de boekwinsten op de panden belast in box 1. Meestal is dat niet gewenst. Beter is dat de panden als een belegging in box 3 wordt gezien, zeker als u bovenmatige rendementen/verkoopwinsten behaalt of denkt te behalen. Belangrijk is dan om te verdedigen dat in uw situatie geen sprake is van meer dan normaal actief vermogensbeheer, zodat de panden in box 3 thuishoren. Uw feitelijke situatie moet zich daar wel voor lenen, maar die kunt u vaak zelf wel voor een deel ‘inkleuren’.


2-01-2017

De kans is groot dat een hulpbehoevend of hoogbejaard familielid binnen enkele jaren moet verhuizen naar een zorginstelling. De eigen woning komt dan leeg te staan en wordt te koop gezet. Tijdelijke verhuur is een interessante mogelijkheid om nog wat huurinkomsten te verwerven. Vaak wordt echter niet nagedacht over de fiscale consequenties daarvan. Een forse inkomstenbelastingheffing in box 3 en een hogere eigen WLZ-bijdrage voor zorg kan het onbedoelde gevolg daarvan zijn. Een goede fiscale planning kan veel financieel leed besparen. Ter illustratie beschrijf ik een voorbeeld die ‘uit het leven is gegrepen’.

1-01-2017

Zwartspaarders krijgen in 2017 'slechts' 120% boete van het alsnog verschuldigde bedrag aan inkomstenbelasting wanneer ze na 1 juli 2016 hebben ingekeerd. Bij een inkeer voor die datum bedroeg de boete nog 60%. Staatssecretaris Wiebes heeft dat in april 2016 al bekend gemaakt. Overigens zien wij mogelijkheden om de boete voor een groot deel verder te verlagen! De inkeerregeling wordt 1 januari 2018 waarschijnlijk afgeschaft, dus het is zaak om, als u wilt inkeren, dit voor die datum te doen.


24-03-2016

Een woon-/bedrijfspand in gesplitst gebruik behoort in beginsel tot het keuzevermogen van de ondernemer, tenzij er sprake is van een bouwkundig splitsbaar pand. Bij gesplitst gebruik bestaat tevens de mogelijkheid om het bedrijfsgedeelte tot het ondernemingsvermogen te rekenen en het woongedeelte tot het privévermogen (administratieve splitsing). Bij staking van de onderneming zal over het verschil tussen de werkelijke waarde en de boekwaarde (de meerwaarde) van het bedrijfsgedeelte moeten worden afgerekend in de inkomstenbelasting. Dat is ook het geval bij overlijden van de ondernemer. Als het bedrijfsgedeelte van het pand op dat moment duurzaam voor zelfbewoning wordt gebruikt, moet bij de berekening van de stakingswinst rekening worden gehouden met een waardedruk. Het Gerechtshof te Amsterdam doet een interessante uitspraak hierover op 7-1-2016 (nr. 15/00532, ECLI:NL:GHAMS:2016:125).


18-02-2016

Goed nieuws voor toepassing vrijstelling overdrachtsbelasting. Tevens is het veilig stellen van landbouwvrijstelling nog steeds volledig mogelijk bij inbreng onderneming in maatschap/VOF/CV, zolang de Hoge Raad niet anders beslist!


4-02-2016

Een DGA kan de bedrijfsopvolgingsfaciliteiten in de Inkomstenbelasting en Successiewet benutten zonder dat sprake is van een reële bedrijfsopvolging. De (certificaten van) aandelen van de BV worden na overlijden toebedeeld aan de kinderen of eerder geschonken. Wat is het fiscaal voordeel daarvan? 

De casus is als volgt. Moeder (65 jaar) runt al jarenlang een goed lopende kledinggroothandel in de vorm van een BV. Zij heeft 4 kinderen die geen van allen voor het bedrijf willen werken. Moeder wil over een aantal jaren minder gaan werken en voor de dagelijkse gang van zaken een directeur aantrekken. De waarde van haar bedrijf (voornamelijk bestaande uit goodwill) schat zij op € 1 miljoen.


22-01-2016

Een bedrijfsopvolging (binnen de familiesfeer) kan door het aangaan van een commanditaire vennootschap (hierna: CV) fiscaal gunstig worden gerealiseerd zonder dat de overdrager civielrechtelijk volledig aansprakelijk blijft voor de bedrijfsrisico’s.

23-11-2015

De bank is niet bereid om de ondernemingsactiviteiten van ‘uw’ BV nog langer te financieren. Als DGA ziet u wel degelijk mogelijkheden om de onderneming tot bloei te brengen. Daarom leent u in privé het benodigde bedrag daarvoor aan ‘uw’ BV. Deze lening valt dan in box 1 onder de terbeschikkingstellingsregeling. Mocht deze lening later onverhoopt toch niet terugbetaald kunnen worden, dan zal de Belastingdienst waarschijnlijk stellen dat er sprake is geweest van een onzakelijke lening. Het verlies op de lening wordt niet in aftrek toegelaten in box I.  Wat kunt u daar tegenin brengen?


1-03-2014

Innovatiebox: profiteer van 5% vpb-heffing in plaats van 20%/25% en maak meerjaren-afspraak hierover met Belastingdienst!


30-07-2013

Artikel uit PE-Tijdschrift voor de bedrijfsopvolging, juli 2013

Bij het opzetten van een bv-structuur met de beoogde bedrijfsopvolger zijn er twee interessante mogelijkheden om overdrachtsbelastingheffing over de verkrijging van de onroerende zaken te voorkomen.


13-06-2012

Volgens een arrest van de Hoge Raad van 9 maart 2012, nr. 11/01963, is een afwaardering op leningen die vallen onder de terbeschikkingstellingsregeling niet aftrekbaar wanneer met het verstrekken van die leningen een debiteurenrisico werd gelopen die een onafhankelijke derde niet zou hebben willen lopen.